Een pianola (player piano, kunstspelpiano) is een afspeelapparaat met een vergelijkbare werking als een grammofoon-, cassette- of cd-speler. Het leest de gegevens van een drager (grammofoonplaat, cassette of cd) en stuurt die door naar het klankgenererend systeem (grammofoonhoorn, boxen), in dit geval de piano waardoor de muziek tot uiting komt. De drager van een pianola is een pianolarol. Het instrument dat ervoor zorgt dat de muziek gereproduceerd wordt, is de piano.
De eerste pianola's werden in Amerika gebouwd rond 1895. Twee jaar later werden ze ook in Europa gemaakt en verkocht. Aanvankelijk werden ze voor een piano of vleugel geplaatst zodat het toestel de toetsen kon indrukken. Vanaf 1905 werden ze in de piano zelf verwerkt. Het hoogtepunt van de pianola lag in de jaren twintig van de 20ste eeuw. Het instrument geraakte langzamerhand meer op de achtergrond met de komst van de grammofoon en de radio.
De vroege pianola's werkten met een pneumatisch systeem waarbij de onderdruk werd opgewekt met voetpedalen. Later werden ook elektrische instrumenten gefabriceerd. De muziek werd opgeslagen op papierrollen. Het muziekpatroon werd aangebracht door middel van gaatjes. Geperforeerde muziekrollen waren al in gebruik voor de pianola haar intrede deed. Ze werden in eerste instantie gebruikt voor de zogenaamde organettes, kleine draaiorgels die binnenshuis voor vermaak zorgden. Pianolarollen waren er in tal van maten. Tot 1900 hadden ze een tessituur van 58 tot 65 noten. Daarna werd het aantal opgetrokken tot 88, de toonreikwijdte van een piano.
Vanaf 1905 kwamen de reproductiepiano's op de markt. Deze instrumenten konden een uitvoering vastleggen en vervolgens geheel automatisch naspelen, inclusief de wisseling van tempo, dynamiek en speelwijze. Tal van pianisten en componisten hebben - al dan niet eigen - werken op deze reproductiepiano's gespeeld of er composities aan gewijd. Het belang van deze pianolarollen is dan ook vanuit musicologisch perspectief niet te onderschatten. De dragers geven immers de mogelijkheid om de uitvoeringspraktijk van de tweede helft van de 19de en eerste decennia van de 20ste eeuw te onderzoeken, om muzikale interpretaties te vergelijken of om zelfs een geschiedenis van interpretatiestijlen uit te werken.
Pianolarollen zijn gemaakt van papier en dus broos. Ze hebben er baat bij dat ze uit de buurt worden gehouden van vocht, licht, ongedierte, stof en te grote temperatuurschommelingen. Door het feit dat ze ook nog eens geperforeerd én opgerold zijn, is het niet aangewezen ze op elkaar te stapelen. Deze voorzorgsmaatregelen indachtig gehouden, kunnen bewaarders van dit erfgoed niet altijd ervoor zorgen dat de rollen zorgvuldig worden geconserveerd. Pianolarollen worden ook ouder en hebben steeds meer nood aan een aangepaste preservatie. Om hieraan tegemoet te komen hebben een aantal buitenlandse bewaarinstellingen besloten om de dragers te scannen. Hiermee hopen ze te voorkomen dat hun waardevolle informatie verdwijnt voor het nageslacht. Het Augustinermuseum in Freiburg dat een belangrijke collectie reproductiepianorollen in huis heeft, past deze strategie al tien jaar toe. Het scannen zelf gebeurt met een speciaal gebouwd apparaat dat exacte digitale afprints levert. Met deze foto is het mogelijk om nieuwe kopies te vervaardigen of zelfs de muziek af te spelen op de computer.
Ook in België is er aandacht voor het probleem. Het Muziekinstrumentenmuseum te Brussel (MIM), zelf eigenaar van pianola's en -rollen, organiseert daarom in mei en juni verschillende concerten, lezingen, workshops en rondleidingen over dt uniek instrument. Resonant lanceert op haar beurt een oproep aan alle eigenaars van pianola's en/of -rollen om hun bezit kenbaar te maken aan de organisatie. Het is ons doel om op termijn een stafkaart te kunnen aanbieden van dit stukje muzikaal erfgoed.
Meer informatie via Resonant info