Twee doctoraten, enkele inventarissen en een lokalisatieproject geven het onderzoek naar het gregoriaans in Vlaanderen nieuwe impulsen. We zetten de initiatieven op een rij.
Pieter Mannaerts werkt als aspirant van het FWO-Vlaanderen aan een studie met de werktitel Het gregoriaans van de seculiere clerus in de Lage Landen: muziek en liturgie aan de collegiale Onze-Lieve-Vrouwekerk in Tongeren (14de-15de eeuw). Zijn onderzoek omvat drie luiken: de inventarisatie van de collectie van de Tongerse basiliek (zie ook verder in dit artikel), een beschrijving van de Tongerse liturgie in vergelijking met de Luikse – Tongeren behoorde in die periode tot het Luikse bisdom; en tot slot een diepgaande schets van het gregoriaans zelf.
De Faculteit der Kunsten van de Universiteit Leiden organiseert samen met de conservatoria van Amsterdam en Den Haag en met het Orpheusinstituut Gent de doctoraatsopleiding docArtes. Daarin ligt de nadruk op het samengaan van artistieke productie en theoretische reflectie. Deze benaderingswijze is Hendrik Vanden Abeele op het lijf geschreven. Zijn onderzoek kreeg de werktitel Uitvoeringspraxis van gregoriaans in de Zuidelijke Nederlanden (1250-1550), getraceerd in lokale contemporaine bronnen. Als solozanger gregoriaans en ensembleleider van Psallentes wordt hij geregeld geconfronteerd met vragen en problemen in verband met een historisch correcte uitvoering van de gezangen. Tijdens zijn doctoraatsonderzoek gaat hij op zoek naar antwoorden, zowel via secundaire bronnen (literatuurstudie) als via onderzoek in primaire bronnen zoals zangboeken, ordinaria en archivalia. De resultaten zullen op hun beurt de uitvoeringspraktijk beïnvloeden, zodat in de loop van de opleiding een constante wisselwerking ontstaat tussen theorie en praktijk.
Naast deze twee doctoraten lopen er een aantal initiatieven die het gregoriaans erfgoed in Vlaanderen in kaart brengen.
Gilbert Huybens publiceerde het artikel Liturgische zangboeken in Belgische bibliotheken. Bibliografie 1571-1904inE Codicibus Impressisque. Opstellen over het boek in de Lage Landen voor Elly Cockx-Indestege (Leuven, 2004). Hij geeft hierin een overzicht van alle boeken met in hoofdzaak gregoriaanse muziek (o.a. antifonaria en gradualia), gedrukt tussen 1571 en 1904. Zijn zoektocht bracht hem naar 43 Belgische bibliotheken en leidde tot een lijst van meer dan 800 bewaarde exemplaren, goed voor circa 250 verschillende titels.
Bij Resonant vzw naderen twee inventarisatieprojecten hun afronding. In samenwerking met de vzw Vrienden van het Begijnhof Turnhout en TRAM 41 en met de steun van de Provincie Antwerpen werd de muziekcollectie van het Turnhoutse Begijnhof die op ‘miraculeuze’ wijze dankzij de interventie van de genoemde Vrienden van het Begijnhof van de ondergang kon worden gered, gedetailleerd beschreven. De muziek dateert uit het midden van de zestiende eeuw tot het begin van de twintigste eeuw en bestaat vrijwel uitsluitend uit liturgische gezangen in het Latijn en het Nederlands. Een verlucht processionale uit het midden van de zestiende eeuw vormt ongetwijfeld het pronkstuk van de collectie. Terugkerende gezangen doorheen de verzameling geven een beeld van de belangrijke liturgische feesten van het begijnhof. Het verwondert bijvoorbeeld niet dat gezangen voor Begga, de patrones van de begijnen, populair zijn in de collectie.
Vanuit de Erfgoedcel Tongeren vzw kwam de vraag het middeleeuwse muzikaal erfgoed uit de regio rond de oudste stad van België te beschrijven. Er werd een inhoudelijk overzicht gemaakt van de inhoud van de muziekhandschriften en -drukken van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek van Tongeren. Ook een aantal handschriften met een liturgische gebruiksfunctie werden daarbij betrokken, omdat ze een beeld geven van de samenstelling van de Tongerse liturgie of omdat ze meerstemmige toevoegingen bevatten.
Daarnaast werden de bestanden van het Tongerse Stadsarchief nauwkeurig doorzocht. Heel wat oude stads-, kerk- en privé-archieven getuigen er van een gangbare praktijk in de zestiende tot achttiende eeuw: oud perkament kan ‘uitstekend’ herbruikt worden als boekband. De speurtocht leverde ongeveer 100 fragmenten met gregoriaanse muziek op.
Ter gelegenheid van de Erfgoeddag op 17 april zal Resonant vzw enkele stukken uit deze collecties tentoonstellen in de Centrale Bibliotheek van de KU Leuven (zie ook het artikel Gevaar! Muzikaal erfgoed op de Erfgoeddag verder in deze nieuwsbrief).
Tot slot start de Alamire Foundation, in opdracht van Resonant vzw, begin maart met het lokaliseren van gregoriaanse collecties in Vlaanderen. In een eerste fase zullen de bezittingen van privé-personen, kerken en niet-openbare instellingen als abdijen of kloosters beschreven worden; later komt het gregoriaanse erfgoed in archiefbewaarplaatsen aan de beurt.