Het belangrijke en uitzonderlijke Bologna Q15 handschrift is verkrijgbaar in een facsimilé editie en vormt daarmee een toegankelijke bron van studie voor onderzoekers en muzikanten.
Het ‘Museo Internazionale e Biblioteca della Musica’ te Bologna is een van de rijkste muziekbibliotheken van Italië. De gezonde muzikale erfgoedwind die door Italië waait heeft ervoor gezorgd dat er ook meer aandacht is voor dit deelterrein van het erfgoed. Zo vond in Napels dit jaar in juli nog het congres van de IAML (International Association of Music Libraries) plaats en verschijnen er regelmatig edities van muziek, zowel in facsimile als in moderne transcriptie. Interessant voor de polyfonie van de Lage Landen is de editie van het bij musici en musicologen ‘beruchte’ handschrift Q15. Het werd door de bibliofiel, componist en pedagoog Padre Martini - onder meer leermeester van Mozart en J.C. Bach - wellicht in Piacenza aangekocht. Margaret Bent (Oxford) tekende voor een uitvoerige inleiding van deze prachtige kleurenfacsimile (409 + 686 pp.). Van de niet minder dan 323 werken zijn ongeveer de helft unica. Het handschrift werd tussen 1420 en 1435 samengesteld door één kopiist. Naast Italiaanse componisten zijn vooral noordelijke componisten goed vertegenwoordigd, vooral deze afkomstig uit de Lage Landen, zoals Ciconia, Du Fay, Brassart, Lymburgia en vele anderen. Een duur (750 Euro), maar prijs-kwaliteitverhouding in acht genomen, interessant hebbeding voor eenieder die de polyfonie van het begin van de 15de eeuw beter wil begrijpen.