Zoeken

Muzikaal onroerend erfgoed

Bij onroerend erfgoed wordt natuurlijk eerst gedacht aan monumenten en landschappen, de oudste beleidsdomeinen voor het erfgoed in Vlaanderen. Maar er bestaat ook onroerend muzikaal erfgoed en wel op diverse manieren. Het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed is opgericht in 2005 als Vlaamse Wetenschappelijke Instelling, maar oudere afdelingen binnen het instituut werken al tientallen jaren aan het inventariseren van het onroerend erfgoed.

De gebouwen vormen meest zichtbare erfgoed van buitenaf. Talrijk zijn de oude schouwburgen en concertzalen die in de achttiende en negentiende eeuw werden opgericht en gebouwd. Voor dergelijke gebouwen en vooral de zalen waar muziek werd en wordt gemaakt, spreekt ook de akoestiek een rol. Vaak zijn het lokale muziekverenigingen die aansturen op de bouw van een stadsfeestzaal of een concertzaal. In de loop van de twintigste eeuw worden er ook opnamestudio’s gebouwd die moeten voldoen aan de belangrijkste akoestische eisen. Zo zijn het Flageygebouw en haar studio’s verbonden aan de geschiedenis van het Nationaal Radio Instituut (NIR).

Ook kerken hebben vaak een goede akoestiek of zijn gebouwd met het oog op akoestische principes. In Vlaanderen zijn nog maar een zestal originele koordoksalen bewaard gebleven, op de scheiding van koor en schip. Indertijd konden zangers van daaruit musiceren en vaak werd er ook een orgel bij geplaatst. Tijdens de contrareformatie werden veel koordoksalen afgebroken om het hoogaltaar weer zichtbaar te maken vanuit het schip. De doksalen en orgels werden dan verplaatst naar de westelijke gevel.

koordoksaal
een 19e eeuwse foto van het interieur van de Sint-Pieterskerk van Leuven: het doksaal, het orgel en het Sedes Sapientiae-altaar uit respectievelijk 15e, 16e en 17e eeuw.
(uit VAN EVEN E., Louvain dans le Passé et dans le Présent, Leuven, 1895, p.355.)

Orgels vormen een belangrijk onderdeel van het onroerend erfgoed, samen met de beiaarden. In Vlaanderen worden heel wat historische orgels bewaard, het VIOE heeft overigens een uitgebreide lijst met degelijke beschrijvingen van orgels. Deze instrumenten vormen een belangrijke getuigenis naar het lokale muziekleven: vaak combineerden organisten het werk met het beiaard bespelen. Daarbij moet gewezen op de verschillende functies van orgel en beiaard en de publieke rol die voor de beiaard al eeuwenlang is weggelegd. Veel beiaarden werden ook al in de 16de en 17de eeuw voorzien van een automaat in de vorm van een speeltrommel, sporen daarvan leren ons nu iets over welke muziek toen populair was en hoe die werd bewerkt.

Ook archeologie valt onder onroerend erfgoed. En ook op dat vlak zijn er regelmatig vondsten rond muzikaal erfgoed. In Mechelen werden in 2003 leisteenfragmenten met muzieklijnen op gevonden, hiervan zijn er wereldwijd maar enkele bewaard gebleven, waarvan twee in Vlaanderen. Ook vermeldenswaardig is de eenhandsfluit die in Brugge werd gevonden en in 2007 tot Vlaams topstuk werd geselecteerd. Fragmenten van fluiten en instrumenten liggen in zowat alle stedelijke archeologiediensten. Uitzonderlijk is de vondst van een klokkengietersatelier in Wervik, naast twee klokkenovens voor luidklokken werden ook negen ovens voor beiaardklokken gevonden.


opgraving van een klokkengieterij op de archeologische site Pardoen te Wervik
(Monument Vandercerckhove nv)

Onroerend erfgoed en iconografie kunnen aanwijzingen geven over de plaats van muziek binnen een gebouw of verwijzingen naar een muziekpraktijk. Kerkgebouwen bevatten via fresco’s, schilderijen, beelden en objecten een gevarieerde verzameling muzikaal erfgoed. Soms is de iconografie verbonden aan de kapel van de gilde van muzikanten, zoals in de crypte van de St.-Baafskathedraal in Gent of de St.-Jacobskerk in Antwerpen. Vaak voorkomend zijn de afbeeldingen van muziek op instrumenten: talrijk zijn de orgelkasten van historische orgels in Vlaanderen die gekroond zijn met een harpspelende koning David of de harp zelf. Ook binnen concertruimtes of bij beschildering van buitenpodia wordt verwezen naar muziek of naar componisten.

Een puur muzikaal bouwwerk dat in Vlaanderen veelvuldig voorkomt is de (muziek)kiosk. Deze buitenpodia werden vanaf het eind van de 19de eeuw gebouwd in stadsparken en op openbare pleinen. Ze vormen het bewijs van een bloeiend muziekleven van lokale fanfares, harmonieën en andere instrumentale ensembles. Kiosken worden nog steeds gebouwd en gebruikt voor publieke concerten van allerlei soort.

muziekkiosk
Herinnering aan de Inwijding en Inhuldiging van de Muziekkiosk te Watervliet, op Zondag, 13 Augustus, 1933. Opgericht door de Koninklijke Fanfaren 'Eendracht Maakt Macht'
(foto: Van Overberghe)

Wie meer informatie of afbeeldingen over onroerend erfgoed wil zien, kunnen we de websites van het VIOE en van het KIK beslist aanraden.

Gerelateerde Links